We zijn vanmorgen op tijd vertrokken van de camperplek. Vanaf negen uur moesten we opnieuw betalen en ja, we zijn echte Nederlanders natuurlijk en aan betalen hebben we een broertje dood. We brengen eerst een bezoekje aan de Lidl en halen lekkere verse broodjes voor het ontbijt. Daarna rijden we naar Falun om daar de kopermijn Falun Gruva te bezoeken.
De Falun Gruva is een voormalige mijnbouwlocatie in Falun, Zweden, die van de 10e eeuw tot 1992 operationeel was en duizend jaar lang koper produceerde. De mijn was cruciaal voor de Zweedse economie en militaire expansie in de 17e eeuw en is nu een museum en een UNESCO Werelderfgoed, met als belangrijkste kenmerken het unieke landschap van de industriële mijn en een deel van de stad Falun.
André gaat met een gids de mijn in voor een rondleiding maar het valt hem een beetje tegen. De gids dreunt een ingestudeerd verhaaltje op en weet bijna op geen enkele vraag van de bezoekers een antwoord. Ook moet het allemaal erg gehaast, jammer hoor. Als klap op de vuurpijl is de lift in onderhoud en moeten ze ook nog helemaal met de trap (67 meter omhoog) weer naar boven. Na de rondleiding lopen we een rondje over het terrein en bewonderen we de enorme krater die achtergebleven is nadat de mijn gedeeltelijk is ingestort in juni 1687. Na het bezoekje aan de mijn rijden we door naar Nusnäs waar we Thea en Ab ontmoeten die daar al zijn. Vlak voor we er zijn zien we ineens een vosje op zijn gemak de weg oversteken, hij blijft langs de kant de weg rustig in het hoge gras zitten. Op de camperplek is er nog precies een plekje over voor ons, gezellig hoor om elkaar zo even te zien zo midden in Zweden. Zij zijn op weg naar het zuiden, wij gaan richting het noorden. Het is heerlijk weer vandaag en we zitten nog tot een uur acht buiten te kletsen, maar dan wordt het echt wel te koud om buiten te blijven en verhuizen we naar binnen.























