Ook vanmorgen kregen we een stokbrood, lekker hoor. We gaan vandaag weer een stukje verder richting het zuiden. We hebben een een camperplaats uitgezocht midden in de Ziz vallei. De rit er naar toe is prachtig, wat een geweldige uitzichten krijgen we weer te zien. Onderweg stoppen we nog even op een parkeerplaats met uitzicht op een thermaal bad, we gluren even door de verrekijker naar de mensen die in het water liggen maar zien niet veel. Van een aardige Marokkaan op de parkeerplaats begrijpen we dat er in de baden om en om door de mannen en de vrouwen gebadderd mag worden, allebei mogen ze een uur en dan is het weer de beurt aan de andere sekse. Na anderhalf uur rijden zien we het bord van de camperplaats maar het ziet er niet naar uit dat we op het goede adres zijn. Het ziet er verlaten uit en we zien nergens een plek waar de campers zouden kunnen staan. We lopen nog een stukje naar boven over het grindpad maar zien niets. Als we weer bij de camper zijn komt er ineens een mevrouw naar beneden rennen. Met veel verwarring van beide kanten begrijpen we dat er boven toch echt wel een camperplaats is. En inderdaad op een klein plaatsje voor een huis kunnen we de campers parkeren. De mevrouw is super aardig en biedt ons gelijk thee aan op het terras. Even later komen er nog twee Franse camperaars die ook op de camping in Midelt stonden. Ze kunnen er nog net bij op het plaatsje voor het huis wat een restaurant blijkt te zijn. Later komen er nog een paar campers, die mogen op de parkeerplaats staan. Het gaat allemaal net. Er lopen een paar kinderen rond die maar niet genoeg van Skippie kunnen krijgen, die heeft over aandacht niet te klagen vandaag. s’ Middags lopen we nog een rondje door het ‘bijna’ verlaten dorpje aan de overkant, (niet te geloven dat hier nog mensen wonen) en het palmbos(je) wat er achter ligt. Er is niet veel te beleven maar het uitzicht maakt alles meer dan goed.
















